Groei&Bloei Wilgendril en andere poederkwasten

Wilgendril en andere poederkwasten

Wilgendril en andere poederkwasten

Sommige planten herinneren je sterk aan vroeger. Asters brengen mij terug pijlsnel terug naar de kortebroeken tijd, het wisselgebit, het vormsel met een contemplatief ogend stropdasje. Rode rozen doen dat ook, vooral die waar oorkruipers een voorliefde voor hebben en knalrode salvia’s. Aangezien er bij ons hier in de knollentuin het weinige rood alleen berust op vergissingen in de aanschaf, lijkt het alsof ik niet aan mijn jonge jaren herinnerd wil worden. Niets is minder waar, want ik ben dol op asters. En die stonden er volop in ons piepkleine voortuintje met grindpad vlak bij het hek. Ik vond ze schitterend als jochie en nog steeds. Nu moeten bij ons de eerste asters nog beginnen met bloeien, toch zijn er al andere planten in bloei die sterke jeugdherinneringen oproepen. Dat het zien van bloemen me een smaak- en tastsensatie geven is op zich een wonder, maar het gebeurt wel. Mijn vingers kleven (in herinnering) bij het typen bijna vast aan de toetsen bij het beschrijven van deze zomerse suikerspin: de roze moerasspirea, Filipendula rubra ‘Venusta’. De bloemen veroorzaken een stevige speekselvloed en ieder jaar weer kijk ik naar ze uit, net als het knulletje dat aan de hand van zijn vader op de kermis het stokje met die roze pluim krijgt uit die vreemde centrifuge in die kleurige kraam. Deze roze moerasspirea is helaas weinig tot niet geurig, daar waar de gewone moerasspirea dat wel is en niet gering. Die heet in Engeland niet voor niets: Meadowsweet. Die ‘gewone’ planten rekenen wij tot onze zomerwolkjes. We hebben ook een lichte roze, net zo wollige cultivar die ook in volle bloei staat.

Een andere poederkwast is de bloem van de Schout-bij-nacht in dit geval Rodgersia aesculifolia, parmantig hoog boven het kenmerkende blad. Mooi voor in de schaduw en een prima vervolg op de nu groene zaadtrossen van de in april mei zo mooi witbloeiende Geitenbaard.

Op het oog lijkt het alsof het dierenasiel al zijn lichtharige honden langs de sloot heeft geborsteld, overal bijna onsmakelijke plukken, bijna haar. Zo houdt de natuur je bijna voor de gek met de pluizen van de Wilg. En als je zo´n pluizenbol in je hand neemt en van dichtbij bekijkt, is de associatie met dril niet eens zo gek. Wat een hoeveelheid zaad geeft zo’n wilg! Wat een pionier!

Foto's bij deze tuinlog

Praat mee op groei.nl

Reacties (1)

Veris-lente

Hé Paul,
Voor mij is de lupine de plant met heel vroege herinneringen, ze stonden altijd onder aan de trap naar opoe’s huis, de mooi gekleurde kaarsbloemen, de zacht grijs behaarde peulen en daarna de zaadjes. Pogingen om ze in mijn tuin introduceren mislukten tot nu toe steeds, groeien niet goed en de slakken zijn er dol op.
Toeval bestaat niet, maar kwam de moerasspirea tegen in pas gekocht boek. De plant bevat salicylzuur, een plantenhormoon dat het verdedigingsmechanisme in planten wakker maakt. De waarschuwing dat de plant erg groot zou worden, en z’n heerlijke geur maken het moeilijk om een keuze te maken. Eerst eens goed in de omgeving kijken.
Fijn weekend!